Geveltekens in Haarlem

Geveltekens in Haarlem

Gevelstenen geven in het algemeen informatie over herkomst van de eigenaar, de gebruiker of de bouwer van het pand. Gevelstenen waren als het ware reclameborden voor de handel of het bedrijf dat in het pand was gevestigd.  Ook zijn er gevelstenen die verwijzen naar cultuur, economie, religie of politiek.

Vele eeuwen hebben de inwoners van Haarlem het zonder huisnummers moeten stellen.  De steden waren klein en overzichtelijk en er was geen noodzaak voor straatnaamborden en huisnummers want veel mensen konden niet lezen.  

 

 

Vanaf de zestiende eeuw ging men vooral in de steden over tot het maken van gevelstenen. In Haarlem werden in het begin van de zeventiende eeuw veel gevelstenen aangebracht. Onder invloed van de toestromende Vlamingen en de tot grote hoogte gestegen welvaart van de Gouden Eeuw (rond 1600), werden in die tijd veel huizen in snel tempo van een gevelsteen voorzien. Gedurende de hele 17de eeuw werden gevelstenen gemaakt en in de Haarlemse gevels geplaatst.

De straten kregen hun naam die voortkwam uit hun ligging en functie, huisnummers zijn in de tijd van Lodewijk Napoleon (koning van Nederland 1806 – 1810) in Haarlem ingevoerd. Voor die tijd werd  een pand omschreven door te verwijzen naar een gevelsteen. Meestal werden eenvoudige, logische namen gegeven.

 Bijvoorbeeld de gevelsteen “DIT IS INDE TOELAST,  ANNO 1609” in de gevel van de Jansstraat 64. De toenmalige eigenaar begon daar een herberg en heeft er deze steen laten plaatsen. Een toelast was een grote ton om bier of wijn in te bewaren en vormde zo het symbool van een goed-voorziene herberg of kroeg.

Vanaf de zestiende eeuw ging men vooral in de steden over tot het maken van gevelstenen. In Haarlem werden in het begin van de zeventiende eeuw veel gevelstenen aangebracht. Onder invloed van de toestromende Vlamingen en de tot grote hoogte gestegen welvaart van de Gouden Eeuw (rond 1600), werden in die tijd veel huizen in snel tempo van een gevelsteen voorzien. Gedurende de hele 17de eeuw werden gevelstenen gemaakt en in de Haarlemse gevels geplaatst.

De straten kregen hun naam die voortkwam uit hun ligging en functie, huisnummers zijn in de tijd van Lodewijk Napoleon (koning van Nederland 1806 – 1810) in Haarlem ingevoerd. Voor die tijd werd  een pand omschreven door te verwijzen naar een gevelsteen. Meestal werden eenvoudige, logische namen gegeven.

Behoud Geveltekens 

In de 18de eeuw neemt de toepassing van geveltekens sterk af.  De economische situatie was daar debet aan. Mede vanwege opgelegde belastingen werden meer huizen gesloopt dan gebouwd en de stad verpauperde zienderogen.  Met de komst van de  huisnummering  zijn gevelstenen niet meer echt nodig. Veel stenen verdwijnen in de loop der tijd uit het stadsgezicht.

Enkele honderden geveltekens hebben de tand des tijds en de sloopwoede van de negentiende eeuw doorstaan. Zij zijn nog steeds in het Haarlemse straatbeeld te bewonderen of bevinden zich in musea en in privécollecties.

Tegenwoordig worden er ook  nieuwe gevelstenen gecreëerd. Voorbeelden daarvan zijn de stenen in de gevels van de nieuwbouwwoningen op het voormalige Remise terrein aan de Leidsevaart. Striptekenaars hebben hun striphelden verbonden aan de straatnamen, die thema’s zijn van de voormalige bus- en tramremise. Hun  ontwerpen zijn uitgevoerd door beeldhouwers en in 2017-2018 in de gevels geplaatst. Ze zijn het bekijken waard. Dit initiatief van SGVH is dankzij de financiering door o.a. de ontwikkelaar mogelijk gemaakt.

Stichting Geveltekens

De Stichting Geveltekens Vereniging Haerlem (SGVH) heeft als doel: het streven naar behoud, instandhouding en herstel van de cultuurhistorische waarde van de Haarlemse geveltekens.

De Historische Vereniging Haerlem heeft de ANBI status: donaties zijn direct fiscaal aftrekbaar.

Bankrekeningnummer van de SGVH is  NL 18 INGB 0008 2667 15 t.n.v. St. Geveltekens Vereniging Haerlem te Haarlem.

Een informatief filmpje over gevelstenen vindt U op  Youtube.